***** FIDE Regels voor het Schaakspel *****
In het vorige clubblad maakte ik in onder ?van de voorzitter? reeds melding van de nieuwe versie van de FIDE regels, en van het feit dat de Nederlandse vertaling van maart 2001 op internet te vinden is, maar ook in papieren vorm op de clubavond verkrijgbaar is.
In dit stukje wil ik uw aandacht vragen voor de FIDE regels. Het blijkt maar al te vaak dat de kennis van het spel is beperkt tot de loop van de stukken. Dat klinkt misschien wat raar, maar het spel moet op de juiste manier gespeeld worden. Die juiste manier waar ik op doel gaat vooral om de zaken rond het zetten van de stukken. Als de afspraken, en dus de spelregels, die rond het zetten van de stukken niet correct worden toegepast, dan kunnen er vervelende en onaangename situaties aan het bord ontstaan. Degene die op het onjuist handelen van zijn tegenstander wijst, wordt ten onrechte voor zeurpiet of mierenneuker versleten. Twee voorbeelden.
- Men dient de klok met dezelfde hand te bedienen als waarmee de zet is gedaan.? Artikel 6.8.b Hiermee wordt verkomen dat men met bv links de klok eerder indrukt dan dat men met rechts de zet heeft uitgevoerd. In die situatie wordt de zet uitgevoerd in de tijd van de tegenstander. Met name bij snelschaken is het overtreden van deze regel zeer hinderlijk.
Het correct gebruiken van de klok, maakt het mogelijk dat spelers om de beurt een zet dan en in de gelegenheid zijn de klok in te drukken. Als je dus (bv bij snelschaken) eerder je antwoordzet doet, dan dat de tegenstander de klok heeft ingedrukt, moet je wachten (dat is dus gelegenheid geven) totdat hij eerst de klok heeft ingedrukt. Doe je dat niet dan heb je (te vroeg!) gezet in de tijd van de tegenstander. - Noteren is verplicht. Men moet zijn zet hebben genoteerd, voordat men zijn volgende zet uitvoert.? Artikel 8.1 Wat wel is toegestaan is dat men de zet van de tegenstander pas noteert, nadat men zelf een zet heeft gedaan. Het noteren doe je dan altijd in de tijd van de tegenstander, behalve als deze vlug zet, dan zul je eerst je eigen vorige zet en de zet van de tegenstander moeten noteren, voordat je zelf weer zet.
Wat moet je nou doen als je tegenstander zich niet houdt aan bv bovenstaande voorbeelden? De eerste actie is altijd de tegenstander er op wijzen. Herstelacties dient men altijd in de eigen tijd te doen. Dus een tegenstander die niet noteert of achterloopt met noteren (en je merkt dat pas op na enige zetten) wordt erop gewezen, je zet zijn klok weer aan (ook al ben jij aan zet) en wacht tot hij weer bij is. Je bent wel verplicht jouw notatieformulier beschikbaar te stellen, opdat de tegenstander kan corrigeren. Lukt het niet de zetten te achterhalen, dan dient men de arbiter erbij te halen en voert die met de spelers een reconstructie uit.
Advies
Probeer zoveel mogelijk alle regels van het spel correct toe te passen. Stel vragen aan de arbiters (Andre Ottenhoff, Peter Wijnand) of de competitieleiders (Arien Hooimeyer, Bertus Vossepoel).
- Dat kan na de partij, zodat je het voor de volgende keer beter / zekerder weet.
- Dat kan tijdens de partij, door in je eigen ! tijd even naar 驮 van de benoemde personen te gaan. Er mag namelijk altijd over de partij worden gesproken, zolang dat maar niet inhoudelijk gaat over de zetten die gedaan zouden moeten worden.
- Dat kan tijdens de partij, als er een directe aanleiding / onenigheid is. In dat geval dient de klok te worden stilgezet, zodat niemand tijd verliest totdat er een arbiter beschikbaar is. Wat de arbiter is natuurlijk primair met zijn eigen partij bezig.
De wijzigingen in de versie maart 2001
De vorige versie is van maart 1997, maar er zijn geen ingrijpende wijzigingen in de spelregels. Toch zijn er wijzigingen. Ik heb de twee versie naast elkaar gelegd, en mijn conclusie is dat voor de spelers er amper wat gewijzigd is, maar dat er voor de arbiters veel wijzigingen ten goede zijn doorgevoerd. In de vorige versie stonden namelijk nogal wat formuleringen over de wijze waarop de arbiter zou kunnen handelen (bv bij het toekennen van straftijd). In de nieuwe versie staat helder omschreven wanneer welke maatregel en hoeveel straftijd in een voorkomende situatie dient te worden toegepast.
Onderstaand een selectie uit de geconstateerde verschillen, inclusief toelichting, die voor de spelers relevant (kunnen) zijn.
Een speler is aan zet als de tegenstander zijn zet heeft gedaan (voorheen ?? heeft voltooid?) Gedaan is bij het spelen met de klok: nadat de tegenstander zijn klok heeft ingedrukt. Dit staat los van het feit dat een gezet stuk niet veranderd mag worden. Wie zijn klok vergeet in te drukken is dus nog steeds aan zet. ? Artikel 1.1
Aangeraakt is zetten. Als blijkt dat dit een onreglementaire zet oplevert, kan het lastig zijn om te bepalen wat het eerst aangeraakte stuk is. Bv als men wilde slaan en als eerste het stuk van de tegenstander aanraakt. Als nu blijkt dat met het oorspronkelijke stuk waarmee men wilde slaan een onreglementaire situatie ontstaat, dan moet men in eerste instantie toch slaan maar bv met een ander stuk. Alleen als dat niet kan, gaat het slaan niet door en moet men een wel reglementaire zet doen met het stuk waarmee men oorspronkelijke wilde slaan. Kan ook dat niet, dan mag men een andere wel reglementaire zet doen. Is er twijfel of het eigen stuk of het stuk dat men wilde slaan als eerste is aangeraakt, dan wordt het eigen stuk beschouwd als het eerst aangeraakt. ? Artikel 4.3 / 4.3c
Het stilzetten van de klok door de spelers is alleen toegestaan om de hulp van de arbiter in te roepen. De arbiter bepaalt of er een geldige reden was voor het stilzetten. ? Artikel 6.13
Niet correct handelen van spelers (oa ten onrechte de klok stilzetten) moet door de arbiter worden bestraft (voorheen ?? kan worden bestraft?).
Straffen zijn: waarschuwing, tijdstraffen, partij verloren verklaren, etc. ? Artikel 13.4
Onregelmatigheden dienen altijd gecorrigeerd te worden in de tijd van de in overtreding zijnde speler. ? Onjuiste stand stukken: artikel 7 / Onjuist noteren: artikel 8
Het doen van een claim, zoals een remiseclaim, betekent altijd dat de speler die de claim uitspreekt de klok stilzet. Het is dus van belang te zorgen dat de tegenstander doorheeft dat je een claim uitspreekt. Mompelen en de klokken stilzetten geeft al gauw aanleiding tot verwarring. Wees dus duidelijk en waarschuw zo snel mogelijk de arbiter; zeker als de tegenstander het niet met de claim eens is, want claims mogen niet worden teruggenomen. ? Artikel 9.1.c / 9.5
Onterechte claims leveren tijdstraffen op. 3 minuten extra voor de tegenstander en maximaal 3 minuten aftrek voor de claimende speler. ? Artikel 9.5.b
Als je in tijdnood zit, en dan alleen als je minder dan 2 minuten over hebt, kun je onder bepaalde voorwaarden remise claimen. Let wel, er zijn voorwaarden. Het belangrijkste is dat moet blijken dat de tegenstander je door de klok wil jagen, zonder een duidelijk aanvalsplan cq een poging doet om de partij te winnen. Als de tegenstander wel pogingen doet, alleen het lukt hem niet, dan is dat niet voldoende reden voor een claim. Bedenk dat de klok ook een onderdeel is van het spel. Het verliezen op tijd kan niet met deze regel worden omzeild. ? Artikel 10.2
Waar voorheen hoge eisen aan het gedrag van een speler werden gesteld, geldt nu dat de spelers zich dienen te onthouden van handelingen waardoor het schaakspel in diskrediet wordt gebracht. Een nieuwe volzin waar je alle kanten mee uit kan. In de praktijk betekent het simpel ?houd je aan afspraken?. Binnen de WSC: bv het uitzetten van de mobiele telefoon. ? Artikel 12.1
Nieuw is de bijlage F. Regels voor het schaken met blinden en visueel gehandicapten. Een aanrader om zelf eens door te lezen.